
Zorgen over de schoolgang
Veel ouders herkennen die gedachte wanneer ze opnieuw een gesprek met school aanvragen. De twijfel of je niet te kritisch bent. Of je niet te vaak aan de bel trekt. Of school misschien al lang ziet wat jij ziet.
Ik praat regelmatig met ouders over school. Over zorgen, verwachtingen, frustraties en hoop. En steeds kom ik weer terug bij hetzelfde fundament: de pedagogische driehoek tussen ouder, kind en school.
In onze eigen thuissituatie hebben we inmiddels heel wat processen in die driehoek meegemaakt. Mijn zoon heeft een lange weg afgelegd: van regulier onderwijs naar speciaal onderwijs, vervolgens een periode volledig thuis zonder onderwijs, dagbehandeling en uiteindelijk een plek in het voortgezet speciaal onderwijs. Dat was geen rechte lijn, maar een pad vol zoeken, aanpassen en opnieuw beginnen.
Mijn dochter bewandelde ook haar eigen route: begonnen op een basisschool, daarna naar een vrije school en uiteindelijk weer terug naar haar eerste school.
Waar het vroeger vrij ongebruikelijk was om van school te wisselen, lijkt het tegenwoordig bijna normaal. Niet omdat ouders “lastig” zijn, maar omdat we steeds beter begrijpen dat niet elke school bij elk kind past.
Ik zie in mijn omgeving ook ouders die in een vechtsituatie met school belanden. Dat is zelden helpend. De pedagogische driehoek werkt alleen als er samenwerking en communicatie is.
Daarbij helpt het als ouders zichzelf een paar vragen durven stellen:• Durf ik te reflecteren op mijn eigen rol?• Trek ik op tijd aan de bel als iets niet goed voelt?• Verwacht ik dat school alles ziet, of neem ik zelf ook verantwoordelijkheid?
Veel ouders denken: “Ze zullen wel denken dat ik zeur.” Maar uiteindelijk ben jij degene die jouw kind het beste kent. Een school heeft namelijk ook grenzen. Er zijn beperkte middelen, beperkt zicht op wat er thuis speelt en vaak afhankelijkheid van externe partijen. Scholen zullen bijna nooit zelf zeggen: dit kind kan hier niet meer naar school. Niet uit onwil, maar omdat hun opdracht nu eenmaal onderwijs is.
Soms ligt er dus een moeilijke taak bij ouders. Als je merkt dat schoolgang een te grote belasting wordt voor je kind, bijvoorbeeld bij overbelasting of een dreigende burn-out, dan kan het nodig zijn om zelf die grens te benoemen. Scholen benadrukken vaak, terecht, het belang van structuur, onderwijs en contact met leeftijdsgenoten. Maar soms wordt de draagkracht van een kind overschat. Net zoals bij volwassenen kan bij ernstige overbelasting rust en herstel eerst nodig zijn.
Gelukkig hoeft dit geen strijd te worden. Wanneer ouders en school elkaar blijven zien als partners, niet als tegenstanders, ontstaan er vaak toch oplossingen. Dat vraagt iets van beide kanten: open communicatie, kwetsbaarheid en gelijk- waardigheid.
School staat niet boven ouders. Maar ouders staan ook niet boven school. We hebben elkaar nodig om te doen wat uiteindelijk het belangrijkste is: het welzijn en de ontwikkeling van het kind centraal stellen.
En misschien wel de belangrijkste les die ik zelf heb geleerd: De weg van een kind hoeft niet recht te zijn om uiteindelijk de juiste te zijn.
Herken je jezelf in deze zoektocht? In mijn praktijk begeleid ik ouders en jongeren die vastlopen in het onderwijs of in de samenwerking met school. Soms helpt het al enorm om samen even van een afstand te kijken naar wat er werkelijk speelt.
Praktijk Eigen Spoor – coaching en begeleiding voor kinderen en ouders in Hengelo.
Reactie plaatsen
Reacties